Werkt op alle devices
5x meer slaginskans
Breed aanbod
Header background

VMBO | HAVO | VWO | Rijbewijs

Gratis oefenvragen en proefexamens

Voorrang of toch voor laten gaan?

oefentoets-voorrang of voor laten gaan

Als je aan het leren bent voor je theorie-examen rijbewijs, dan is het goed om te weten wat de examinators bedoelen met bepaalde woorden of zinnen. Soms kan dat namelijk nét het verschil maken tussen zakken of slagen. De meeste mensen zien bijvoorbeeld weinig verschil tussen voorrang verlenen of voor laten gaan. Voor hun gevoel is dat precies hetzelfde, alleen dan anders verwoord. Toch hebben beide een andere betekenis.

Voorrang verlenen

Als je voorrang verleent (=geeft), geef je de ander voorrang in situaties waarin dat moet. Bijvoorbeeld als de ander van rechts komt op een gelijkwaardige kruising. Voorrang kun je alleen verlenen aan andere bestuurders. Voetgangers zijn geen bestuurders, zij zijn weggebruikers. Je verleent een voetganger dus nooit voorrang.

Voorrang moet je verlenen als de ander op een voorrangsweg rijdt. Dit kun je zien aan de borden en de haaientanden op de weg.

Voorrang verleen je ook op een gelijkwaardige kruising waar de ander van rechts komt. Kom je zelf van rechts, dan kríjg je voorrang.

Rijdt de ene bestuurder op een verharde weg en de ander op een onverharde weg, dan verleent degene op de onverharde weg voorrang.

Voor laten gaan

Goed. Op zich is voorrang verlenen voor de meeste mensen wel duidelijk. Maar hoe zit het dan met voor laten gaan?

Je praat over voor laten gaan in situaties waarin je eigenlijk niet over voorrang kunt praten. Bijvoorbeeld als je beide op dezelfde weg rijdt en de één eerder mag doorrijden dan de ander. Denk bijvoorbeeld aan de regel dat degene die de korte bocht neemt, eerst mag.

Nog een situatie waarin voor laten gaan van toepassing is: je komt elkaar tegemoet. De één gaat rechtdoor, de ander slaat af. In deze situatie laat je degene die rechtdoor rijd voorgaan.

Ook praat je over voor laten gaan als het om een voetganger gaat. Nogmaals: voorrang verleen je alleen aan andere bestuurders, een voetganger heeft nooit voorrang. Wel moet je een voetganger voor laten gaan in een paar situaties. Bijvoorbeeld als deze de straat rechtdoor over wil steken terwijl jij rechtsaf wilt slaan. In dat geval moet je de voetganger voor laten gaan. (Recht doorgaand verkeer gaat voor.)

Maar hoe zit het met de tram?

Dan heb je nog voorrangssituaties met de tram. De tram is een bestuurder, dus die verleen je voorrang. De uitzondering bij de tram is alleen dat je deze op een gelijkwaardige kruising altijd voorrang geeft. Ook als de tram van links komt dus.

Vaak worden drukke kruisingen geregeld met een stoplicht. Dan is het eenvoudig. Maar als je ’s avonds laat door de stad rijdt en de stoplichten staan uit, dan heeft de tram dus zowel van links als van rechts voorrang.

Hopelijk hebben we het een beetje duidelijker kunnen maken, succes met je examens!